Flashcards in the set

Haven't started (133)

soorten ASH

  • schuldash
  • risicoash
  • kwalitatieve ash

schuldash

ash door verwijtbaarheid

risicoash

ash zonder dat er sprake hoeft te zijn van verwijtbaarheid

kwalitatieve ash

iemand is as, omdat hij tot een andere persoon of zaak in een bepaalde betrekking staan

grondslagen ash

  • schuldleer
  • risicoleer
  • profijtleer

schuldleer

de schade kan alleen worden afgewenteld wanneer een ander iets te verwijten valt

risicoleer

aan de bronnen van gevaar wordt ash gekoppeld en komt voor rekening van de dader

profijtleer

degene die profijt heeft van bepaalde activiteiten, personen of zaken moet ook de daaraan verbonden risico's dragen

vereisten OD 6:162 BW

  • onrechtmatigheid ex 6:162 lid 2 BW
  • gedraging
  • relativiteit 6:163 BW
  • toerekenbaarheid ex 6:162 lid 3 BW
  • causaal verband
  • schade

onrechtmatigheid 6:162 lid 2

  • strijd met wettelijke plicht
  • strijd met een ongeschreven recht
  • rechtsinbreuk

strijd met wettelijke plicht

  • hoofdregel: als bij een schadeveroorzakende gedraging een wettelijke plicht/norm is geschonden, dan is de onrechtmatigheid in beginsel gegeven
  • relativiteitsvereiste (6:163): de wettelijke bepaling moet wel als doel hebben om het geschonden belang te beschermen (HR Iraanse vluchteling)

HR Iraanse vluchteling

relativiteitsvereiste 6:163

de wettelijke bepaling moet wel als doel hebben om het geschonden belang te beschermen

(denk hierbij ook aan HR Tilburgse Tandarts)


rechtsinbreuk

er is sprake van een schending van een subjectief recht van een ander (absolute vermogensrechten of persoonlijkheidsrechten)

strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt

  • uitgangspunt: iedereen moet de zorg betrachten die van een zorgvuldig mens mag worden verwacht aan de hand van alle omstandigheden van het specifieke geval
  • kenbaarheidsvereiste (HR Taxusstruik): als men de giftigheid van een plant niet kent en deze ook niet behoort te kennen, strekt de maatschappelijke zorgvuldigheid niet zo ver dat de persoon de plant zo moet houden dat het geen gevaar oplevert

HR Taxusstruik

kenbaarheidsvereiste: als men de giftigheid van een plant niet kent en deze ook niet behoort te kennen, strekt de maatschappelijke zorgvuldigheid niet zo ver dat de persoon de plant zo moet houden dat het geen gevaar oplevert


gevaltypen (strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt)

  • hinder
  • zuiver nalaten
  • ongelukkige samenloop van omstandigheden
  • sport- en spel
  • gevaarzetting

gevaarzetting

uitgangspunt: verantwoordelijk voor het in het leven roepen van een gevaarlijke situatie waarbij schade dreigt voor personen of zaken

hier kelderluik-criteria noemen (HR Kelderluik)

en HR Jetblast

HR Kelderluik-criteria

a) mate van waarschijnlijkheid waarmee nier-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid kan worden verwacht (hoe groot is de kans dat er initiatieven de gegeven situatie niet zo goed wordt opgelet)

b) aard en omvang van de te verwachte schade

c) waarschijnlijkheid dat de schade zich als gevolg van het gedrag zal voordoen

d) bezwaarlijkheid kosten, tijd en moeite voor het nemen van voorzorgsmaatregelen

HR Jetblast

bij waarschuwingscriterium: afdoende maatregel met het oog op bescherming tegen een bepaald gevaar, van doorslaggevende betekenis of te verwachten valt dat de waarschuwing zal leiden tot handelen/nalaten waardoor gevaar vermeden wordt

sport en spelsituaties

gevaar is in deze situaties vaker aanvaardbaar, dan in normale situaties, want de potentiële slachtoffers hebben zich bewust van de risico's in de situatie gebracht

HR Tennisspel: een abnormaal gevaarlijke gedraging buiten de regels van het spel kan wel gevaarzetting opleveren

HR Tennisspel

een abnormaal gevaarlijke gedraging buiten de regels van het spel kan wel gevaarzetting opleveren

ongelukkige samenloop van omstandigheden

HR Zwiepende tak: niet iedere inbreuk op een subjectief recht levert onrechtmatigheid op. het is slechts onrechtmatig als de mate van waarschijnlijkheid van een ongeval als gevolg van het gedrag zo groot was, dat de dader zich naar maatstaven van zorgvuldigheid van een gedrag had behoren te onthouden.

HR Zwiepende tak

OSVO

niet iedere inbreuk op een subjectief recht levert onrechtmatigheid op. het is slechts onrechtmatig als de mate van waarschijnlijkheid van een ongeval als gevolg van het gedrag zo groot was, dat de dader zich naar maatstaven van zorgvuldigheid van een gedrag had behoren te onthouden.

zuiver nalaten

uitgangspunt: niet verantwoordelijk voor schade die is ontstaan doordat is nagelaten te waarschuwen of iets anders te doen. slechts ASH bij concrete kennis van de gevaarlijke situatie, dreiging van ernstig geestelijk/lichamelijk letsel, mogelijkheid en noodzaak om daadwerkelijk iets te doen en een reëel verhouding tussen de te nemen moeite en kosten voor het gevaar

hinder (5:37 BW)

uitgangspunt: of hinder onrechtmatig is hangt af van de aard, ernst en duur van de hinder en de daardoor toegebrachte schade. verdere omstandigheden die hierbij een rol kunnen spelen zijn: gewicht belangen die door de hinder toebrengende activiteit worden gediend, mogelijkheid, kosten en bereidheid om maatregelen ter voorkoming van schade te nemen, plaatselijke omstandigheden

rechtvaardigingsgronden

ontnemen het onrechtmatige karakter aan een gedraging

  • overmacht
  • noodweer
  • uitvoering wettelijk voorschrift
  • bevoegd gegeven ambtelijk bevel
  • toestemming gelaedeerde of zaakwaarneming

toerekenbaarheid (6:163 lid 3 BW)

  • o.b.v. schuld
  • o.b.v. verkeersnormen
  • o.b.v. de wet

toerekening o.b.v. schuld

de OD is te wijten aan schuld van de dader (persoonlijke verwijtbaarheid). hier is dan sprake van verwijtbaar of vermijdbaar handelen. hierbij is wel een schulduitsluitingsgrond mogelijk.


toerekening wegens een oorzaak welke krachtens de wet voor zijn rekening komt

ondanks het ontbreken van schuld, is toch sprake van toerekening. denk hier aan kwalitatieve- of risicoashen

toerekening wegens een oorzaak welke krachtens de in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt

i. de persoonlijke verwijtbaarheid of wettelijke bepaling ontbreekt, maar ash is wel gewenst (HR Watersportongeluk)

ii. er was een minder gevaarlijke reactie mogelijk en diegene had het waarschuwingsbord gezien, dus handeling is toch verwijtbaar (HR Meppelse Ree)

HR Watersportongeluk

de persoonlijke verwijtbaarheid of wettelijke bepaling ontbreekt, maar ash is wel gewenst

HR Meppelse Ree

er was een minder gevaarlijke reactie mogelijk en diegene had het waarschuwingsbord gezien, dus handeling is toch verwijtbaar

groepsASH (6:166 BW)

bij groepsash geldt hoofdelijke ash van de deelnemers van een groep voor een OD die in groepsverband is gepleegd

groepsash vereisten

i. ten minste één groepslid brengt onrechtmatige schade toe;

ii. de kans op het toebrengen van de schade had het groepslid van zijn gedragingen om groepsverband moeten weerhouden;

iii. de gedragingen kunnen het groepslid ook worden toegerekend

HR Groepsaansprakelijkheid

de gedragingen in groepsverband betreffen niet slechts het deelnemen aan een dergelijke criminele organisatie als zodanig, maar concrete onrechtmatige handelingen in groepsverband die schade hebben veroorzaakt

meervoudige causaliteit

samenwerkende oorzaken

+ welk arrest hoort hierbij?

gevallen waarin alleen de oorzaken samen tot de schade hebben geleid, afzonderlijk zijn de oorzaken ontoereikend (HR Nugteren/Meskens)

meervoudige causaliteit

afzonderlijke oorzaken

elke daad kan de totale schade veroorzaakt hebben

meervoudige causaliteit

hypothetische causaliteit

+ welk arrest hoort hierbij?

de schade zou door de tweede gebeurtenis (hypothetische oorzaak) zijn ontstaan als hij niet al was veroorzaakt door de eerste gebeurtenis. hierbij ontstaat de vraag of een causaal verband bestaat met de tweede oorzaak. als sprake is van momentschade, dan bestaat geen causaal verband. bij voortdurende schade kan wel gesproken worden van een causaal verband

HR Los Leeuwarden

meervoudige causaliteit

deze vorm leidt tot hoofdelijke ASH: alle producenten zijn voor de volledige schade AS, het slachtoffer kan kiezen wie voor het geheel van de schade wordt aangesproken

de daders kunnen onderling de schade voor gelijke delen verdelen (draagplicht naar evenredigheid), behoudens bewijs voor een andere verdeling (onderling regres nemen)

alternatieve causaliteit

+ welk arrest hoort hierbij?

de schade kan het gevolg zijn van twee of meer gebeurtenissen waarvoor verschillende personen AS zijn en het is onduidelijk welke gebeurtenis de schade heeft veroorzaakt. in dit geval geldt in beginsel voor gelijke delen, tenzij een van de partijen een andere verdeling bewijst

HR DES/Dochters: het is onmogelijk vast te stellen welke producent de schuldige was en wat het toenmalige marktaandeel was, dus het slachtoffer kan volstaan met het dagvaarden van één van de aansprakelijke partijen

HR DES/Dochters

het is onmogelijk vast te stellen welke producent de schuldige was en wat het toenmalige marktaandeel was, dus het slachtoffer kan volstaan met het dagvaarden van één van de aansprakelijke partijen

proportionele ASH

+ welk arrest hoort hierbij

er zijn 2 mogelijke oorzaken voor het ontstaan van de schade, waarvan één van de oorzaken bij de benadeelde zelf ligt

het is onzeker in welke toestand de benadeelde had verkeerd indien de fout niet gemaakt was

HR Nefalit/Karamus: onmogelijk om vast te stellen hoe groot de oorzaak van het nalaten slachtoffer zelf heeft bijgedragen aan de schade, dus een deskundige moet een schatting maken waarin een proportionele verdeling van de schadevergoeding wordt gemaakt

HR Nefalit/Karamus

onmogelijk om vast te stellen hoe groot de oorzaak van het nalaten slachtoffer zelf heeft bijgedragen aan de schade, dus een deskundige moet een schatting maken waarin een proportionele verdeling van de schadevergoeding wordt gemaakt

kansverlies/kansschade

+ welk arrest hoort hierbij

het is onzeker in welke toestand de benadeelde had verkeerd indien de fout niet gemaakt was

de laedens betaalt gedeeltelijke schadevergoeding, terwijl goed mogelijk is dar de benadeelde zonder de normschending in dezelfde vermogenspositie had verkeerd --> het staat wel met een redelijke mate van zekerheid vast dat de laedens de bewijsnood van de gelaedererde eenzijdig heeft veroorzaakt

HR Baijings/H: sprake van een QSCN-verband tussen de fout en het verlies van de kans op succes. om de omvang van de schade vast te stellen, moet een schatting worden gemaakt van de goede en de kwade kansen

HR Baijings/H

sprake van een QSCN-verband tussen de fout en het verlies van de kans op succes. om de omvang van de schade vast te stellen, moet een schatting worden gemaakt van de goede en de kwade kansen

soorten causaliteit waarbij sprake kan zijn van een OD in de zin van 6:162 BW

1.meervoudige causaliteit

i. samenwerkende oorzaken

ii. afzonderlijke oorzaken

iii. hypothetische causaliteit

2.alternatieve causaliteit

3.proportionele ash

4.kansverlies/kansschade

aansprakelijkheid van rechtspersoon

+ welk arrest hoort hierbij?

als een orgaan namens de rechtspersoon onrechtmatig handelt/nalaat, kan de rechtspersoon daarvoor aansprakelijk worden gesteld (orgaanleer). dit is ook mogelijk als diegene niet formeel bevoegd was om dat te doen (HR Knabbel en Babbel).

aansprakelijkheid RP vereisten:

  1. diegene een zodanige status heeft dat de gedragingen van de persoon met de rechtspersoon vereenzelvigd kan worden (oftewel als deze gedragingen in het maatschappelijk verkeer als gedraging van de RP kunnen worden gezien); en
  2. dat de persoon wel echt in de naam van de RP handelt

stappenplan shockschade

  1. sprake van een ernstig ongeval waardoor iemand is overleden of ernstig gewond is geraakt
  2. er is een rechtstreeks verband tussen het gevaarzettend handelen en het geestelijk letsel van een derde
  3. betrokkene heeft het ongeval zelf waargenomen of is meteen na het ongeval ter plaatse gekomen en is geconfronteerd met de ernstige gevolgen, waardoor een emotionele schok teweeg wordt gebracht. directe confrontatie is hier dus vereist (HR X/Reaaleverzekeringen)
  4. bij de betrokkene is sprake van ernstige mate van geestelijk letsel (door psychologe erkend ziektebeeld aanwezig)
  5. sprake van nauwe/effectieve band
  6. sprake van een overtreding van een verkeers- of veiligheidsnorm
  7. daarnaast ook voldaan aan de eisen van 6:162 BW

HR X/Reaaleverzekeringen

betrokkene heeft het ongeval zelf waargenomen of is meteen na het ongeval ter plaatse gekomen en is geconfronteerd met de ernstige gevolgen, waardoor een emotionele schok teweeg wordt gebracht. directe confrontatie is hier dus vereist


eigen schuld 6:101 BW

als de schade behalve aan een gebeurtenis waarvoor een ander as is ook aan omstandigheden is toe te schrijven die aan het slachtoffer zijn toe te rekenen, hoeft de ander in beginsel slechts een gedeelte van de schade te vergoeden

er zijn meerdere mogelijkheden wanneer er sprake kan zijn van 'eigen schuld'

  1. als de gebeurtenis mede aan de benadeelde is toe te schrijven
  2. als de omvang van de schade door de benadeelde is beïnvloed
  3. als de benadeelde niet aan zijn schadebeperkingsplicht heeft voldaan (de benadeelde moet binnen redelijke grenzen maatregelen nemen ter beperking van de schade)

hoofdregel eigen schuld:

causale verdeling: de schade wordt in evenredigheid verdeeld met de mate waarin de omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen

uitzondering hoofdregel eigen schuld

billijkheidscorrectie: als de ernst van de wederzijds gemaakte fouten zeer uiteenloopt of als andere omstandigheden dat eisen

HR Lars Ruröde

als een gevaarlijke situatie in het leven wordt geroepen en deze zich verwezenlijkt bij een kind, waarvan gezien de leeftijd slechts beperkt inzicht in dit gevaar en beperkt vermogen zich naar dit inzicht te gedragen mag worden verwacht, eist de billijkheid in beginsel dat de schade ten laste komt van degene die de gevaarlijke situatie in het leven heeft geroepen

HR Watersportongeluk

door de ernst van de gevaarzetting door de waterscooter, de waarschijnlijkheid van zwemmers en hun bijzondere kwetsbaarheid, de eenvoudige wijze waarom het gevaar had kunnen voorkomen en de ernstige gevolgen, vereist de billijkheid een andere verdeling van de schade

HR Achmea/Menzis

de billijkheidscorrectie werkt op dezelfde manier door in de regresverhouding tussen verzekeraars

soorten schade

  • personenschade
  • zaakschade
  • zuivere vermogensschade

personenschade

letsel- en overlijdensschade

zaakschade

schade als gevolg van de beschadiging of vernietiging van een zaak

zuivere vermogensschade

vermogensschade die niet is terug te voeren op letsel: overlijden of zaakbeschadiging

op wie rust de bewijslast van het causale verband?

de gelaedeerde

omkeringsregel

in sommige gevallen geldt de omkeringsregel.

het bestaan van het causale verband tussen de OD en het ontstaan van de schade wordt dan aangenomen, tenzij tussen de OD en het ontstaan van de schade wordt dan aangenomen, tenzij de ander bewijst of aannemelijk maakt dat de schade ook zonder de gedraging zou zijn ontstaan

HR Smeets/Gemeente Heerlen

de omkeringsregel geldt bij de schending van een norm die ertoe strekt een specifiek gevaar te voorkomen en als dit gevaar door de normschending in aanmerkelijke mate werd vergroot. dit is bijvoorbeeld het geval bij een schending van de verkeers- en veiligheidsnormen

HR Waterwingebied

de hoge raad gaat in dit arrest van de adequatieleer bij schadevergoedingen over naar de leer van redelijke toerekening. alleen de voorzienbaarheid van de schade is niet voldoende voor een schadevergoeding. hier komen nog allerlei dingen bij kijken (deelregels van Brunner)

redelijke toerekening 6:98 BW

het moet gaan om een voldoende verband tussen de OD en de schade, dat in redelijkheid kan worden toegerekend. hierbij moet rekening worden gehouden met alle omstandigheden van het geval. (HR Deurmat)

factoren voor toerekening in de door Brunner geformuleerde deelregels

  1. waarschijnlijkheid van het gevolg naar ervaringsregels;
  2. hoe ver is het gevolg verwijderd van de OD
  3. bij een schending van de verkeers- en veiligheidsnormen is een ruime toerekening gerechtvaardigd (HR Aangereden hartpatiënt)
  4. grote schuld aan het schadeveroorzakende feit en/of schade door dood of verwonding wordt eerder toegerekend dan zaakschade
  5. schade die is toegebracht tijdens de bedrijfsuitoefening is eerder gerechtvaardigd

HR Aangereden hartpatiënt

bij een schending van de verkeers- en veiligheidsnormen is een ruime toerekening gerechtvaardigd

wanneer is sprake van medeschuld 6:102 BW

hier is sprake van wanneer de verplichting tot de vergoeding van dezelfde schade rust op twee of meer personen

6:7 BW

de benadeelde kan dan elk van de personen voor het geheel aanspraken (als er sprake is van medeschuld)

6:10 BW

de verplichting tot het bijdragen in de schuld die ten laste van een van de hoofdelijke schuldenaren wordt gedelgd voor meer dan het gedeelte dan hem aangaat. op iedere medeschuldenaar komt een verplichting te rusten voor het bedrag van dit meerdere, telkens tot ten hoogste het gedeelte van de schuld dat de medeschuldenaar aangaat

102 lid 2 BW

de situatie waarin zowel sprake is van medeschuld als eigen schuld

vereisten voor ASH voor motorrijtuigen

  1. het moet gaan om een motorrijtuig (1 sub c WVW)
  2. het motorrijtuig moet op de openbare weg hebben gereden, niet op het privéterrein
  3. het motorrijtuig moet betrokken zijn geweest bij een verkeersongeval
  4. door het verkeersongeval moet sprake zijn van schade toegebracht aan niet door dat motorrijtuig vervoerende personen of zaken
  5. een causaal verband moet bestaan tussen het verkeersongeval en de schade van de ongemotoriseerde (die zich niet in het motorrijtuig bevinden)
  6. het moet gaan om een eigenaar of houder

185 lid 3 WVW

niet voor vergoeding in aanmerking komt de schade die toegebracht wordt aan loslopende dieren, aan een ander motorrijtuig in beweging, of aan persoenen en zaken die daarmee worden vervoerd

hoofdregel verkeersASH

de eigenaar of houder van het motorrijtuig is AS. hierbij is irrelevant of de eigenaar of de houder van het motorrijtuig ook zelf bestuurde. de bestuurder kan worden aangesproken via 6:162 BW

uitzondering verkeersASH

geen ASH bestaat als aannemelijk is dat het ongeval te wijten is aan overmacht (als het ongeval veroorzaakt is door iemand voor wie de eigenaar of de houder niet AS is), bijv. als er sprake is van eigen schuld van het slachtoffer (6:101 BW)

HR Marbeth van Uitregt

een overmachtsverweer bij slachtoffers onder de 14 jaar slaagt slechts als sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid bij het kind

bij het vaststellen van de eigen schuld of medeschuld worden twee zaken tegen elkaar afgewogen:

  1. causale verdeling: de aan het SO en de ASe persoon toe te rekenen omstandigheden worden afgewogen
  2. billijkheidscorrectie: eventueel wordt o.b.v. de billijkheid een correctie op de verdeling gemaakt

i. voor SO jonger dan 14- jaar geldt de 100%-regel: de schade wordt dan volledig vergoed

ii. voor SO vanaf 14-jaar geldt de 50%-regel.

100%-regel

dit geldt voor SO jonger dan 14-jaar. de schade wordt volledig vergoed.

HR Marbeth van Uitregt

50%-regel

voor SO vanaf 14 jaar (HR IZA/Vrerink), tenzij sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid. bij bewuste roekeloosheid moet sprake zijn van een, onmiddellijk voorafgaande aan zijn gedragingen, daadwerkelijk bewustzijn van het roekeloze karakter van de gedragingen (objectief beoordelen als criterium de gemiddelde normaal oplettende burger) (HR Dronken voetganger)

HR IZA/Vrerink

50%-regel voor SO vanaf 14 jaar, tenzij sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid

HR Dronken voetganger

bij bewuste roekeloosheid moet sprake zijn van een, onmiddellijke voorafgaande aan zijn gedragingen, daadwerkelijk bewustzijn van het roekeloze karakter van de gedragingen

HR Terminus/ZAO

voor de subrogerende verzekeraar gelden de 50% en 100% regel niet. deze gelden slechts voor de benadeelde zelf. voor hen geldt de normale eigenschuldregeling van 6:101 BW

reflexwerking van 185 WVW

  • in de situatie waarin een ongemotoriseerde een ongeval veroorzaakt waardoor een gemotoriseerde schade lijdt, spreekt de gemotoriseerde de ongemotoriseerde aan via 6:162 BW
  • in deze situaties geldt de reflexwerking, die inhoudt dat de gemotoriseerde de schade slechts volledig vergoed krijgt bij overmacht
  • als overmacht niet aannemelijk is, blijft in ieder geval een deel van de schade voor rekening van de gemotoriseerde (HR Chan-a-Hung/Maalsté). de reden hiervoor is het 'betriebsgefahr', oftewel het aan het gemotoriseerd verkeer gebonden gevaar
  • de 50% en 100% regel zijn hier niet van toepassing

HR Chan-a-Hung/Maalsté

als overmacht niet aannemelijk is, blijft in ieder geval een deel van de schade voor rekening van de gemotoriseerde

kwalitatieve aansprakelijkheden voor zaken

  • roerende zaken
  • opstallen
  • gevaarlijke stoffen, stortplaatsen en mijnbouwwerken
  • gebrekkige producten
  • dieren motorrijtuigen

ASH voor door dieren veroorzaakte schade 6:179 BW

  1. benoem 6:179 BW
  2. het moet gaan om door een dier zelfstandig betrokken schade
  3. wat betreft het dier moet het gaan om door mensen gehouden dieren
  4. bij de aangerichte schade gaat het om verwezenlijking van het gevaar dat schuilt in de eigen energie van het die en het onberekenbare element moet centraal zijn

hoofdregel aansprakelijkheid voor door dieren veroorzaakte schade:

de bezitter van het dier is aansprakelijk. het gaat hierbij slechts om door mensen gehouden dieren. bij medebezit zijn beide bezitters hoofdelijk aansprakelijk (6:180 BW). hier zijn 2 uitzonderingen op

2 uitzonderingen op de hoofdregel van aansprakelijkheid voor door dieren veroorzaakte schade

  1. als het dier in de uitoefening van een bedrijf wordt gebruikt, is degene die dit bedrijf uitoefent aansprakelijk o.b.v. 6:181 BW (HR Paard Loretta)
  2. als de bezitter van het dier jonger is dan 14 jaar, dan zijn de ouders AS o.b.v. 6:183 lid 2 BW

HR Paard Loretta

als het dier in de uitoefening van een bedrijf wordt gebruikt, is degene die dit bedrijf uitoefent aansprakelijk o.b.v. 6:181 BW

HR Paard Imagine

de toepassing van de hangmatregel is afhankelijk van wat naar maatschappelijke opvattingen het meest redelijk is. voor 6:179 en 6:181 BW bestaat over het algemeen geen ruimte om onderlinge aanspraken van medebezitters toe te staan

aansprakelijkheid voor gebrekkige roerende zaken 6:173 BW

dit art. roept een risicoASH in het leven voor de bezitter van een gebrekkige roerende zaak

vereisten voor ASH:

  1. diegene moet de bezitter zijn in de zin van 3:107 BW
  2. het moet gaan om een roerende zaak 3:2 BW
  3. er moet sprake zijn van een gebrek. dit is het geval als de zaak niet voldoet aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden aan de zaak mag stellen
  4. er is sprake van een abnormaal kenmerk of een abnormale gesteldheid, wat inherent is aan de zaak en van zo'n aard is dat zij aan derden schade kan berokkenen. het moet dus een eigenschap bezitten die het normaal gesproken niet zou bezitten. hierbij is wel een bijzonder gevaar vereist en niet een algemeen gevaar dat verwacht kan worden
  5. er moet sprake zijn van een gebrek aan de roerende zaak dat de bezitter niet kende, maar waar hij iets aan had kunnen en moeten doen als hij het gebrek wel had gekend
  6. bekendheidsvereiste: het moet bekend zijn dat de zaak, indien gebrekkig, een bijzonder gevaar voor personen of zaken oplevert. het gaat hierbij niet om het concrete gebrek.
  7. het gevaar moet zich ook verwezenlijken
  8. er moet sprake zijn van schade. personenschade en zaakschade komen voor vergoeding in aanmerking (6:96 BW)

hoofdregel aansprakelijkheid voor gebrekkige roerende zaken

+ uitzonderingen

de bezitter van de gebrekkige zaak is in beginsel AS

uitzonderingen:

i. indien de zaak in de uitoefening van een bedrijf wordt gebruikt, is o.b.v. 6:181 BW degene die dit bedrijf uitoefent, AS

ii. indien de bezitter van een zaak jonger dan 14 jaar oud is, dan zijn de ouders van het kind o.b.v. 6:183 lid 2 AS

uitzondering aansprakelijkheid voor gebrekkige roerende zaken

de bezitter is niet AS, indien hij als hij het gevaar op het tijdstip van het ontstaan zou hebben gekend, niet voor de schade AS zou zijn geweest. dit is het geval bij de verweermiddelen van 6:162 BW, zoals overmacht. dit kan ook met een van de rechtvaardigingsgronden, behalve het verweer dat hij het gebrek niet kende, want dat is het risico waarvoor hij AS is. bovendien zijn dieren, schepen en luchtvaartuigen uitgezonderd 6:173 lid 3 BW

in 6:173 lid 2 BW is een uitzondering op de hoofdregel (aansprakelijkheid voor gebrekkige roerende zaken) opgenomen. Als het gebrek in een zaak al aanwezig was op het moment dat deze door de producent op de markt werd gebracht, is de producent verantwoordelijk, niet de bezitter. de producent kan echter aan deze ASH ontsnappen door gebruik te maken van twee specifieke mogelijkheden:

i. de producent is niet verantwoordelijk als hij, rekening houdend met alle omstandigheden kan aantonen dat het gebrek nog niet aanwezig was op het moment dar het product op de markt werd gebracht

ii. de producent draagt geen ASH voor zaakschade die onder de €500,- valt, bekend als de franchise. in deze situatie blijft de ASH bij de bezitter.

ASH voor de bezitter van opstallen 6:174 BW

art. roept een risicoASH voor de bezitter van bedrijfsmatige gebruiker van een gebrekkige opstal.

vereisten voor ASH:

  1. er moet sprake zijn van een opstal in de zin van 6:174 lid 4 BW. van een opstal kan worden gesproken bij gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken
  2. het opstal moet gebrekkig zijn. dit is het geval wanneer het opstal niet voldoet aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden mag stellen. dit is afhankelijk van de omstandigheden, waarbij gekeken moet worden naar de kelderluik-criteria, de toenmalige stand van wetenschap en techniek en de daadwerkelijke technische mogelijkheid van het nemen van afdoende veiligheidsmaatregelen
  3. HR Dijkdoorbraak Wilnis: vastgesteld moet worden dat het opstal gebrekkig was op het moment dat de schade ontstond. aanknopingspunten hiervoor zijn: de aard, de bestemming, de functie, de fysieke toestand bij de verwezenlijking van het gevaar, naar objectieve maatstaven kenbaarheid van het gebrek en het verbonden gevaar, de bezwaarlijkheid van te nemen veiligheidsmaatregelen, etc.
  4. het niet voldoen aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden aan een opstal mag stellen, levert een gevaar op voor personen of zaken. een bijzonder gevaar is hierbij niet vereist
  5. het gevaar moet zich ook daadwerkelijk hebben verwezenlijkt

HR Dijkdoorbraak Wilnis

vastgesteld moet worden dat het opstal gebrekkig was op het moment dat de schade ontstond. aanknopingspunten hiervoor zijn: de aard, de bestemming, de functie, de fysieke toestand bij de verwezenlijking van het gevaar, naar objectieve maatstaven kenbaarheid van het gebrek en het verbonden gevaar, de bezwaarlijkheid van te nemen veiligheidsmaatregelen, etc.


HR Hangmat

in principe is de bezitter aansprakelijk

in het geval van medebezit geldt o.b.v. dit arrest dat 6:174 BW ook van toepassing is op medebezitters. men kan dus op de andere medebezitter de schade verhalen. o.b.v. 6:180 BW geldt dat in sprake van medebezit, beide bezitters hoofdelijkAS zijn. gelet op 6:102 BW draagt de benadeelde medebezitter zijn 'eigen deel'.

uitzondering op de hoofdregel van de aansprakelijkheid voor de bezitter van opstallen

als de ash o.g.v. 6:162 BW zou zijn ontbroken als de bezitter op de hoogte was geweest van het gebrek. hierbij is dus een beroep op overmacht of een rechtvaardigingsgrond mogelijk.

aansprakelijkheid voor producten 6:185 BW

risicoASH ten laste van de producent van gebrekkige producten.

vereisten voor ASH:

  1. er moet sprake zijn van een product (6:187 lid 2 BW). het gaat daarbij om een roerende zaak in de zin van 3:2 jo. 3:3 BW, ook nadat deze een bestanddeel is gaan vormen van een andere roerende of onroerende zaak
  2. het product moet gebrekkig zijn (6:186 BW). een product is gebrekkig wanneer het niet de veiligheid biedt die men mag verwachten. hierbij dient gekeken te worden naar de kelderluik-criteria. een product is nier gebrekkig enkel omdat later een beter product in het verkeer is gebracht (6:186 lid 2 BW) (HR DAF Trucks/Achmea)
  3. het gebrekkige product heeft schade veroorzaakt. het moet gaan om een causaal verband (6:190 BW) en het moet gaan om schade door: dood, lichamelijk letsel (6:190 sub a jo. 6:107 en 6:108 BW) of schade die door het product is toegebracht aan een andere zaak geldt wel een franchise van €500,- ligt, dan kan de benadeelde verhaal zoeken bij de verkoper (7:24 lid 2 sub c BW) of de bezitter van de gebrekkige zaak (6:188 BW).
  • als de schade onder de franchise van €500,- ligt, dan kan de benadeelde verhaal zoeken bij de verkoper of de bezitter van de gebrekkige zaak (6:188 BW). hierbij geldt de verjaringsregeling (6:191 BW).
  • de producent kan de ASH jegens de benadeelde niet beperken of uitsluiten 6:192 BW
  • in beginsel naar de producent gekanaliseerd, maar kan worden doorbroken via 7:24 lid 2 sub b BW als de verkoper de afwezigheid van het gebrek heeft toegezegd. in dat geval kan de verkoper AS worden gesteld.

wie is AS voor het product?

hoofdregel:

6:185 BW

de producent is AS voor het product

doelen ASHrecht:

  • primaire doelstelling: geleden schade herstellen en dreigende schade te voorkomen
  • compensatie (verdelende- en corrigerende rechtvaardigheid)
  • distributieve rechtvaardigheid
  • genoegdoening (HR Jeffrey: zuiver emotioneel belang is geen belang 3:303 BW)
  • preventie (generale en speciale)

2 mogelijke situaties bij de ASH van ouders voor kinderen:

  1. ASH voor jonge kinderen (t/m 13 jaar)
  2. ASH voor oudere kinderen (ouder dan 13 jaar)

ASH jonge kinderen (t/m 13 jaar) --> 6:164 en 6:169 lid 1 BW

i. moet sprake zijn van een actief doen

ii. je moet de situatie abstraheren van de leeftijd van het kind. HR Sneeuwbal

HR Sneeuwbal

gekeken moet worden naar de hypothetische maatstaf. beoordeeld moet worden of de gedraging van het kind een toerekenbare OD zou hebben opgeleverd, indien deze was verricht door een volwassene (volledig geabstraheerd van jeugdige leeftijd)

ASH voor oudere kinderen (ouder dan 13 jaar), twee mogelijkheden:

  1. het kind is 14 of 15 jaar
  2. het kind is 16 jaar of ouder

kind is 14 of 15 jaar --> 6:169 lid 2 BW

  • er is sprake van een schuldASH met omkering van de bewijslast
  • er is sprake van een zorgplicht van de ouders
  • er is een weerlegbaar vermoeden van een fout van de ouder of voogd

kind is 16 jaar of ouder

  • hier is geen sprake van een kwalitatieve ASH
  • er is wel beroep op 6:162 BW mogelijk jegens de ouders, als sprake is van uitlokking of aanmoediging van de OD gedraging van het kind

ASH van werkgevers voor werknemers (ondergeschikten) jegens derden (6:170 BW) vereisten:

  1. noem 6:170 BW
  2. moet sprake zijn van schade
  3. die schade moet zijn toegebracht aan een derde
  4. de schade moet zijn veroorzaakt door een fout, in de zin van een toerekenbare OD in de zin van 6:162 BW. hier is sprake van bij een gedraging (doen/nalaten, die onrechtmatig is en kan worden toegerekend). hiervoor kijken naar 6:162 BW
  5. het moet gaan om een ondergeschikte. ook vrijwilligers vallen hieronder, omdat zij een soortgelijke rol innemen (noem hierbij HR Parochie)
  6. er moet een functioneel verband bestaan tussen de fout van de werknemer en de vervulling van de taak. hiervoor gelden 2 voorwaarden (HR Groot Kievitsdal en HR JMV spoorveiligheid-Zürich):

i. de kans op de fout moet zijn vergroot door de aan de ondergeschikte gegeven opdracht tot het verrichten van de taak. tussen de opgedragen taak en de schade moet dus een voldoende verband bestaan

ii. de werkgever moet in juridische zin zeggenschap kunnen uitoefenen over de gedraging waar de fout is gelegen. de werkgever had dus instructies moeten kunnen geven

wat doet art. 6:170 BW

het legt werkgevers een kwalitatieve ASH op voor schade veroorzaakt door hun werknemers aan derden. hierbij gaat het dus om een risicoASH voor fouten van werknemers

ASH werkgevers voor werknemers hoofdregel:

in beginsel is de werkgever AS voor de fouten die werknemers maken jegens derde

ASH werkgevers voor werknemers uitzondering op de hoofdregel:

als sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid vanuit de werknemer, dan draagt de werknemer zelf de volledige ASH (6:170 lid 3 BW)

HR Groot Kievitsdal en HR JMV spoorveiligheid-Zürich

noemen bij het functionele verband tussen fout werknemer en vervulling van de taak

o.b.v. 6:171 BW ...

geldt voor de opdrachtgever een kwalitatieve ASH voor fouten begaan door niet-ondergeschikten

vereisten ASH van opdrachtgever voor niet-ondergeschikte hulppersonen 6:171 BW

  1. noem 6:171 BW
  2. het moet gaan om een bij de werkzaamheden begane fout
  3. moet gaan om een opdracht tot het verrichten van werkzaamheden
  4. opdracht moet zijn verricht ter uitoefening van het bedrijf

i. moet gaan om een functioneel verband, waarbij de werkzaamheden of fouten zijn begaan in het kader van de uitvoering van de bedrijfsactiviteiten van de opdrachtgever. een nauwe verwevenheid dient te bestaan tussen het handelen van de opdrachtgever en de niet-ondergeschikte, zodat zij vanuit het perspectief van de benadeelde als 1 eenheid worden beschouwd

ii. KR Koeman/Sijm Agro: of sprake is van werkzaamheden verricht in de uitoefening van het bedrijf van de opdrachtgever, hangt af van wat wel en war niet tot de bedrijfsuitoefening van de opdrachtgever behoort. hierbij is niet van belang of de benadeelde al dan niet weet dat de schade veroorzaakt is door een niet-ondergeschikte

KR Koeman/Sijm Agro

of sprake is van werkzaamheden verricht in de uitoefening van het bedrijf van de opdrachtgever, hangt af van wat wel en war niet tot de bedrijfsuitoefening van de opdrachtgever behoort. hierbij is niet van belang of de benadeelde al dan niet weet dat de schade veroorzaakt is door een niet-ondergeschikte

hoofdregel 6:171 BW:

indien aan alle vereisten wordt voldaan, kan de opdrachtgever AS worden gesteld voor de geleden schade o.b.v. 6:171 BW. de niet-ondergeschikte kan o.b.v. 6:162 BW AS worden gesteld, voor een OD

ASH van vertegenwoordigers voor vertegenwoordigen (6:172 BW) vereisten

  1. noem 6:172 BW
  2. het moet gaan om een gedraging van een vertegenwoordiger
  3. deze gedraging moet ter uitoefening van de hem als zodanig toekomende bevoegdheden zijn verricht
  4. er moet sprake zijn van een fout
  5. deze fout moet zijn begaan jegens een derde
  6. hierbij is sprake van een vereenzelviging (de handelingen van de vertegenwoordigers kunnen gelden als handelingen van vertegenwoordigen). dit is het geval wanneer de gedragingen van de vertegenwoordiger in het maatschappelijk verkeer te gelden hebben als gedragingen van de vertegenwoordigde HR Knabbel en Babbel)
  7. 7:658/7:611 BW: ASH van werkgevers voor werknemers in het geval dat de werknemer schade leidt

wat volgt er uit 6:172 BW

een risicoASH voor fouten van vertegenwoordigers

hoofdregel 6:172 BW:

als een vertegenwoordiger, in de uitoefening van de aan hem als zodanig toegekende bevoegdheden, een fout begaat jegens een derde, is de vertegenwoordigde o.b.v. 6:172 BW AS jegens die derde

ASH van werkgevers voor werknemers jegens de werknemer zelf

er zijn 2 mogelijkheden voor de werknemer om de werkgever AS te stellen voor het veroorzaakte gevaar, namelijk via 7:658 en 7:611 BW

vereisten voor ASH

  1. er moet sprake zijn van een werknemer. ook sprake van bij ingeleende werknemers en bij vrijwilligers, omdat zij een soortgelijke rol innemen als een werknemer (HR Parochie)
  2. sprake van schade bij de werknemer
  3. de schade moet zijn ontstaan in de uitoefening van zijn werkzaamheden. hierbij maakt de HRgebruik van een ruim begrip. HR Power/Ardross

HR Power/Ardross

de zorgplicht van de werkgever heeft in beginsel betrekking op het gehele bouwterrein, ook als derden daar werken

hoofdregel 7:658 BW

indien voldaan is aan de vereisten van 7:658 lid 2 BW is de werkgever AS

uitzonderingen 7:658 BW:

  1. werkgever is de zorgplicht nagekomen (7:658 lid 1 BW)

i. de werkgever heeft een zorgplicht om voor een veilige werkomgeving te zorgen, zodat werknemers geen schade leiden

ii. wat in redelijkheid van de werkgever kan worden verwacht, wordt beoordeeld aan de hand van de kelderluik criteria

iii. de werkgever moet rekening houden met onvoorzichtigheid van de werknemer. dit geldt ook bij een ervaren werknemer en juist indien dezelfde werkzaamheden dagelijks worden verricht, laten werknemers weleens na om de vereiste zorg in acht te nemen (ervaringsfeit). HR Bayar/Wijnen: de werkgever moet nog meer rekening houden met onvoorzichtigheid van de werknemer als sprake is van werktuigen die naar hun aard en risico een veiligheidsrisico meebrengen. de zorgplicht gaat om preventie, waarschuwen en toezicht houden

iv. een waarschuwing alleen is niet voldoende, zeker als het feit ook voorkomen had kunnen worden door een preventieve maatregel. het is niet voldoende dat de werknemer van het gevaar op de hoogte was. de waarschuwing moet leiden tot ander handelen, waardoor het gevaar vermeden wordt (HR Jetblast)

2.er is sprake van opzet of bewuste roekeloosheid aan de kant van de werknemer (7:658 lid 2 BW)

i. moet gaan om eigen schuld (6:101 BW), willens en wetens handelen

ii. HR Pollemans/Hoondert: de werknemer moet de kans op schade willens en wetens op de koop hebben toegenomen

HR Bayar/Wijnen

de werkgever moet nog meer rekening houden met onvoorzichtigheid van de werknemer als sprake is van werktuigen die naar hun aard en risico een veiligheidsrisico meebrengen. de zorgplicht gaat om preventie, waarschuwen en toezicht houden

HR Pollemans/Hoondert

de werknemer moet de kans op schade willens en wetens op de koop hebben toegenomen

7:611 BW: verzekeringsplicht werkgever

goed werkgeverschap houdt in dat van de werkgever kan worden verwacht dat gezorgd wordt voor een behoorlijke verzekering die uitbetaald wordt aan de werknemer als deze een ongeval krijgt

HR TNT Wijenberg

de werkgever heeft de plicht om een verzekering af te sluiten voor als de werknemer als bestuurder van een auto bij een ongeval betrokken is. de werkgever is niet AS als de werknemer als fietser of voetganger wordt aangereden door een auto, als de werknemer als fietser schade lijdt door een eenzijdig ongeval of als de werknemer te voet een eenzijdig ongeval krijgt

HR Van Riemsdijk/Autop Roermond BV over 7:658 of 7:611 BW

de werkgever wist dat bij het tankstation sprake was van minder schone omstandigheden, maar de werknemer was een ervaren beroepschauffeur die redelijkerwijs kan weten welke gevaren bestaan (algemene bekendheid), de werknemer kende de situatie en de werkgever had geen concrete opdracht gegeven om daar te tanken, dus niet AS

er zijn verschillende mogelijkheden om als niet rechtstreeks benadeelde een schadevergoeding te krijgen:

  1. 6:107 BW: verplaatste schade --> HR Johanna Kruidhof: alleen recht op schadevergoeding als anders professionele hulpverleners waren ingeschakeld. HR Rijnstate/Reuvers: een abstracte berekening moet worden gemaakt van wat de professionele hulp zou hebben gekost. het criterium voor de vergoeding is wat men normaal en gebruikelijk behoort te betalen. hierbij wordt geabstraheerd van de daadwerkelijke kosten. ernstig letsel is hierbij geen vereiste en derde of het slachtoffer kunnen beide een vergoeding vorderen, maar wel slechts 1x
  2. 6:107a lid 2 BW: de werkgever heeft recht op een schadevergoeding jegens degene die AS is, voor het loon dat hij gedurende de ongeschiktheid van zijn werknemer heeft moeten doorbetalen
  3. 6:108 BW: een zelfstandig recht bestaat /// wetsartikelen verder checken
  4. mogelijkheid van affectieschade

HR Rijnstate/Reuvers

een abstracte berekening moet worden gemaakt van wat de professionele hulp zou hebben gekost. het criterium voor de vergoeding is wat men normaal en gebruikelijk behoort te betalen. hierbij wordt geabstraheerd van de daadwerkelijke kosten. ernstig letsel is hierbij geen vereiste en derde of het slachtoffer kunnen beide een vergoeding vorderen, maar wel slechts 1x

HR Johanna Kruidhof

alleen recht op schadevergoeding als anders professionele

affectieschade vereisten om een recht op schadevergoeding te krijgen zijn:

  1. er moet sprake zijn van ASH
  2. deze aASH moet ernstig en blijvend letsel of de dood van de benadeelde tot gevolg hebben
  3. dit moet zich afspelen binnen de kring van gerechtigden (ouders, partners, kinderen)